Van der Ven start in april met onderhoudswerkzaamheden aan het Fort bij Rijnauwen. In opdracht van Staatsbosbeheer voeren wij diverse restauraties uit aan het fort onder Bunnik, dat onderdeel is van de Hollandse Waterline.

Het fort is met 31 hectare het grootste van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, gebouwd in de periode 1868 – 1872. De werkzaamheden van Van der Ven betreffen met name herstel van gevels waarvan voegwerk en stenen op sommige plaatsen kapot zijn. “De kapotte stenen verwijderen we en vervangen we door volledig nieuwe stenen, die wel hetzelfde karakter en eigenschappen hebben als de oorspronkelijke stenen”, vertelt werkvoorbereider Mark de Reus. “Op andere projecten hebben we getracht met oude stenen te werken, maar dat is op deze locatie geen optie. Daarom hebben we diverse samples bekeken en de definitieve keuze gemaakt.”

Voegwerk in oorspronkelijke staat
Het voegwerk is op bepaalde stukken kapot gegaan vanwege de keuze voor cement bij een vorige reparatie. Mark de Reus: “Het oorspronkelijke voegwerk is gebaseerd op kalk, wat vocht uit de muur een veel betere weg naar buiten biedt. Bij een vorige restauratie is cement gebruikt om voegen te dichten, maar dit is ondoordringbaar door vocht, waardoor het een andere weg zoekt. Dit heeft de stenen aangetast, die door bevriezing kapot zijn gegaan. Een proces van decennia, dat we nu een halt toeroepen. Wij gebruiken weer het oorspronkelijke voegmateriaal.” Beplanting bovenop de fortgebouwen, die in de 19e eeuw een belangrijke rol speelde bij het camoufleren van de verdedigingswerken, heeft ook schade veroorzaakt doordat de wortels diep doordringen.

Uitdagende logistiek
Resterende herstelwerkzaamheden worden ook door Van der Ven uitgevoerd, zoals bijvoorbeeld het vervangen van luiken. Hier en daar is het bereiken van de locatie met materieel een uitdaging. Zo wordt een deel van het werk zelfs uitgevoerd met een ponton op het water. De werkzaamheden gaan van start in april en zijn in de zomer van 2018 afgerond.